Zodra een snaar aangeslagen wordt, zal deze met een aantal verschillende frequenties gaan trillen. Door de snaar op specifieke locaties aan te raken kan de grondtoon gedempt worden, terwijl de boventonen doorklinken. Als noten op open snaren op deze manier gespeeld worden, worden dit natuurlijke flageoletten genoemd.
Een uitgebreidere variant van deze techniek zijn de kunstmatige flageoletten, welke in een van de volgende lessen aan bod komt. Het is hoe dan ook aan te raden om eerst de techniek van de natuurlijke flageoletten onder de knie te krijgen.
Flageoletten worden in de bladmuziek aangeduid met diamantvormige noten, en in de tabulatuur door middel van twee haken.

Oefening 1

Om een natuurlijke flageolet te spelen moet de linkerhand de snaar licht toucheren op de positie die vermeld staat in de tabulatuur. Niet naast de fret, zoals gebruikelijk wanneer er een snaar ingedrukt wordt, maar recht boven de fret. Vervolgens wordt de snaar met de rechterhand aangeslagen.
Als de rechterhand dichter bij de brug gepositioneerd wordt zal dit een heldere en luidere klank opleveren. Nadat de snaar met de rechterhand gespeeld is, moet de linkerhand snel opgetild worden; dit helpt de flageolet zo lang mogelijk door te laten klinken.


Oefening 2

De flageolet-techniek vereist een nauwkeurige plaatsing van de linkervingers.
In deze specifieke oefening moet je er tevens voor oppassen om de naastgelegen snaren niet per ongeluk aan te raken, omdat de eerder gespeelde flageoletten daardoor gedempt zouden worden.
De stabiliteit van de linkerhand kan vergroot worden door de duim op dezelfde locatie achterop de gitaarhals te laten staan. Dit is vooral aan te raden voor het tweede deel van het fragment, wat na de dubbele maatstreep begint.


Oefening 3

Het laatste fragment van deze pagina combineert natuurlijke flageoletten met normaal gespeelde noten.
Denk eraan dat de linkervingers die gebruikt worden om de flageoletten te spelen snel weer opgetild moeten worden om de flageolet lang door te laten klinken, terwijl de vingers waarmee de normaal gespeelde noten gefret worden zo lang mogelijk op de frets moeten blijven staan.
In zowel de tweede als de zesde maat schuift de wijsvinger van de negende naar de elfde positie, maar pas nadat de basnoot gespeeld is.