Deze pagina bevat drie fingerstyle oefeningen van beginner niveau.

Oefening 1
Dit is een kort liedje waarin de melodiedelen telkens opgevolgd worden door twee basnoten. De melodie- en basnoten worden nooit tegelijkertijd gespeeld, maar doordat ze blijven doorklinken worden de beide delen samengevoegd tot één geheel.
De tweede noot van de eerste maat wordt als een hammer-on gespeeld; de snaar wordt daarbij niet aangeslagen door de rechterhand, maar de wijsvinger van de linkerhand hamert de snaar op exact het juiste moment op de fret.


Oefening 2
In deze oefening wordt het A-akkoord gespeeld, samen met twee van zijn variaties. Het patroon voor de rechterhand is in elk van de vier maten hetzelfde, maar met de linkerhand worden variaties gespeeld op de tweede snaar.
Probeer de linker wijs- en middelvinger te laten staan tijdens de akkoordwisselingen.
De letters boven de bladmuziek geven aan dat alle noten op de vierde en vijfde snaar met de duim gespeeld worden, terwijl de wijs-, middel- en ringvinger ieder aan één specifieke snaar toegewezen zijn.


Oefening 3
Er wordt een accent gelegd op de noten die met de duim gespeeld worden, terwijl de open snaren juist relatief zacht aangeslagen worden.
Probeer iedere snaar ingedrukt te houden tot vlak voordat deze snaar weer opnieuw gespeeld wordt. In het begin zal dit lastig zijn, vooral voor de pink, maar naarmate je spieren opbouwt in je vingers gaat dit steeds makkelijker.